Trouwe lezers van Link2Brazil kunnen het bevestigen. Ik publiceerde al een flink aantal bijdragen over diverse Braziliaanse deelstaten, maar ze kwamen nog niet allemaal aan bod. Amapá is een van die staten.
Het is ook geen voor de hand liggende bestemming, en dat is eigenlijk onterecht. Waarom? Dat leg ik hieronder uit.
Afgelegen
De afstand tussen Fortaleza (Ceará) en Natal (Rio Grande do Norte) bedraagt ongeveer 540 kilometer. Van Recife (Pernambuco) naar Maceió (Alagoas) is het nauwelijks 300 kilometer. De hele noordoostelijke kuststrook van Ceará tot Bahia vormt min of meer één aaneengesloten toeristische wereld van stranden, resorts, koloniale steden en miljoenen inwoners.
Amapá daarentegen ligt letterlijk aan de andere kant van Brazilië. Er bestaat zelfs een bekende uitdrukking over: do Oiapoque ao Chuí. Dat gezegde verwijst naar de enorme lengte van Brazilië, van Oiapoque in het uiterste noorden van Amapá tot Chuí aan de grens met Uruguay, goed voor meer dan 4.000 kilometer in vogelvlucht en ruim 5.000 kilometer over de weg. De uitdrukking wordt vaak gebruikt om heel Brazilië aan te duiden.
Toch hebben opvallend weinig Brazilianen ooit een bezoek gebracht aan Amapá. De deelstaat die symbool staat voor het noordelijke uiteinde van het land blijft een van de minst bekende regio’s van Brazilië.
Enkele nuchtere vaststellingen
Amapá beschikt het over een kustlijn aan de Atlantische Oceaan, grenst aan Frans-Guyana en dus indirect aan de Europese Unie, en herbergt enorme natuurgebieden.
Toch komt de staat vrijwel nooit voor in reisreportages, economische analyses of emigratieverhalen. Wanneer men aan Brazilië denkt, gaat de aandacht meestal naar Rio de Janeiro, São Paulo of de stranden van het noordoosten, met bestemmingen als Salvador, Recife, Natal en Fortaleza, iets wat de meeste Link2Brazil lezers al lang weten.
Amapá ligt nog bijna 2.000 kilometer noordelijker, waar de Amazone de oceaan ontmoet, waar meer dan driekwart van het grondgebied nog steeds door bossen wordt bedekt en waar de meeste Brazilianen zelf nooit zijn geweest.
Het regenwoud
Wanneer buitenlanders aan het Amazonewoud denken, denken ze bijna automatisch aan Manaus. De hoofdstad van Amazonas heeft zich tijdens de voorbije decennia ontwikkeld tot hét vertrekpunt voor jungletochten, riviercruises en ecotoerisme. Daardoor is bij velen de indruk ontstaan dat de Amazone en Amazonas min of meer synoniemen zijn.
Dat beeld klopt slechts gedeeltelijk.
Het Amazonegebied strekt zich uit over verschillende Braziliaanse deelstaten, waaronder Pará, Rondônia, Acre, Roraima en Amapá. Net daarin schuilt een van de grootste paradoxen van Amapá. De deelstaat bezit enorme stukken intact regenwoud, enkele van de grootste beschermde natuurgebieden van Zuid-Amerika en een biodiversiteit die nauwelijks onderdoet voor die van het bekendere Amazonas. Toch komt Amapá zelden voor in reisgidsen, documentaires of toeristische brochures.
Vanwaar dat verschil?
Dat ligt niet zozeer aan de natuur zelf, maar aan de geschiedenis. Dankzij de rubberhausse groeide Manaus vanaf het einde van de negentiende eeuw uit tot een belangrijke stad in het Amazonegebied. Internationale verbindingen ontstonden al vroeg en het toerisme volgde later vanzelf.
Amapá daarentegen bleef dun bevolkt, economisch minder ontwikkeld en moeilijk bereikbaar. Waar Manaus uitgroeide tot een merknaam, bleef Amapá grotendeels buiten beeld.
Wie echter verder kijkt dan de klassieke Amazoneroute, ontdekt al snel dat het regenwoud niet noodzakelijk begint in Manaus. Dit natuurlijke erfgoed, van onschatbare waarde voor onze planeet, kan men evengoed ervaren in Amapá: minder bezocht, minder ontwikkeld en daardoor misschien dichter bij het oorspronkelijke karakter van het grootste tropische woud ter wereld.
Met andere woorden: Amazonas heeft de bekendste toegangspoort tot het regenwoud. Amapá heeft mogelijk een van de meest ongerepte stukken ervan.
Cultureel en politiek leven
De hoofdstad Macapá ligt aan de noordelijke oever van de Amazone, vlak voordat de rivier zich opent naar de Atlantische Oceaan. Anders dan Manaus, dat diep in het binnenland ligt, bevindt Macapá zich op een unieke overgang tussen rivier, oceaan en regenwoud.
Daarnaast zijn er steden als Santana, met zijn strategische haven, Oiapoque aan de grens met Frans-Guyana en Laranjal do Jari in het zuiden van de deelstaat. Buiten deze stedelijke centra wordt het landschap gedomineerd door kleine riviergemeenschappen, inheemse gebieden, quilombola-gemeenschappen en uitgestrekte natuurreservaten.
Juist die combinatie maakt Amapá bijzonder. Het is geen lege wildernis, maar evenmin een sterk verstedelijkte kustregio zoals Bahia of Pernambuco. De menselijke aanwezigheid concentreert zich op enkele plaatsen, terwijl de natuur in de rest van de deelstaat nog steeds de dominante kracht vormt.
Wie die natuur wil ontdekken, begint doorgaans in de hoofdstad. Macapá is interessant voor enkele dagen, maar daarna trekt men best verder naar Serra do Navio en Tumucumaque.
Serra do Navio was ooit een belangrijk mijnstadje en vormt vandaag een uitvalsbasis voor expedities naar het Parque Nacional Montanhas do Tumucumaque, een immens beschermd regenwoudgebied. Reizigers combineren er boottochten, wandelingen, bezoeken aan riviergemeenschappen en meerdaagse jungletochten. Het gaat hier niet om een nagebouwde jungle-ervaring: men bevindt zich midden in een van de grootste aaneengesloten tropische bosgebieden ter wereld.
Een totaal andere ervaring wacht in Oiapoque, aan de grens met Frans-Guyana. Daar bevindt zich het Parque Nacional do Cabo Orange, met uitgestrekte mangroven, enorme riviermondingen, vogelkolonies en wetlands. Het is ongetwijfeld een van de meest ongerepte kustgebieden van Brazilië, waar regenwoud, moerasland en oceaan naadloos in elkaar overvloeien.
Wonen in Amapá spreekt vooral mensen aan die houden van een rustig leven, weinig massatoerisme, een sterke band met natuur en rivier, beperkte verstedelijking en een uitgesproken lokale identiteit.
Er zijn echter ook nadelen. De regio is geografisch geïsoleerd, beschikt over minder gespecialiseerde gezondheidszorg, minder universiteiten en carrièremogelijkheden, kent hogere logistieke kosten voor consumptiegoederen en heeft een relatief beperkte arbeidsmarkt.
Wie vooral houdt van infrastructuur, gastronomie en klassieke strandbestemmingen kan wellicht beter kiezen voor Natal of João Pessoa. Amapá is eerder iets voor wie gefascineerd is door de Amazone.
Investeren?
De staat wordt vaak gezien als een vergeten uithoek van Brazilië, maar beschikt tegelijk over enkele opmerkelijke troeven.
Zo is het de enige Braziliaanse deelstaat met een landsgrens met grondgebied van de Europese Unie, namelijk Frans-Guyana.
De haven van Santana wordt steeds belangrijker voor de export vanuit Noord-Brazilië. De groei van de graanexport via deze route is aanzienlijk geweest en de logistieke positie wordt als strategisch beschouwd binnen de Arco Norte-corridor.
Daarnaast beschikt de staat over belangrijke voorraden goud, mangaan en vooral kaolien, een zachte witte kleisoort die in uiteenlopende industriële toepassingen wordt gebruikt.
De kansen liggen echter niet alleen in grondstoffen. Juist omdat zo veel natuur behouden bleef, bezit Amapá ook potentieel op het vlak van koolstofkredieten, biodiversiteitsprojecten, duurzame bosbouw, biotechnologie en wetenschappelijk onderzoek.
Daar staan wel enkele structurele handicaps tegenover: een kleine bevolking van ongeveer 800.000 inwoners, grote afstanden, een beperkte infrastructuur, moeilijke logistiek, afhankelijkheid van overheidsuitgaven en een relatief kleine binnenlandse markt.
Dit alles maakt dat Amapá vandaag nog steeds ondergewaardeerd is als natuur- en avontuurbestemming. Wie echter op zoek is naar het klassieke strandtoerisme van Bahia, Alagoas of Rio Grande do Norte, zal hier een totaal ander Brazilië aantreffen.
Petroleum
Misschien is dat wel de grootste paradox van Amapá. Decennialang werd de deelstaat genegeerd door toeristen, investeerders en zelfs veel Brazilianen. Vandaag staat hij plots centraal in een debat over de toekomst van de Amazone, de energievoorziening en de economische ontwikkeling van Brazilië.
Voor de kust van de deelstaat bevinden zich namelijk veelbelovende petroleumreserves in het zogeheten Equatoriale Bekken. Voorstanders zien daarin een historische kans om een van de armste en economisch meest geïsoleerde deelstaten van Brazilië sterker in de nationale economie te integreren. Zij wijzen op mogelijke investeringen, werkgelegenheid, belastinginkomsten en een verdere uitbouw van infrastructuur en havencapaciteit.
Tegenstanders vrezen dan weer dat net de natuurlijke rijkdom die Amapá uniek maakt hierdoor onder druk kan komen te staan. De kustzone bestaat uit uiterst kwetsbare ecosystemen van mangroven, riviermondingen en mariene habitats, die bovendien beïnvloed worden door de enorme watermassa’s van de Amazone.
De discussie gaat daarom over veel meer dan olie alleen. Ze raakt aan een fundamentele vraag: moet Amapá zijn toekomst vooral zoeken in de exploitatie van natuurlijke hulpbronnen, of juist in het behoud van een van de best bewaarde stukken Amazonegebied ter wereld?
Die tegenstelling tussen ontwikkeling en behoud loopt als een rode draad door het moderne Amapá. Misschien is dat wel de belangrijkste reden waarom deze vaak vergeten deelstaat vandaag veel relevanter is dan zijn beperkte bekendheid doet vermoeden.
De vraag is niet langer of Amapá belangrijk is, maar welke richting het wil uitgaan: als toegangspoort tot een van de best bewaarde stukken regenwoud ter wereld, als logistieke schakel tussen Brazilië en de Guyana’s, of als nieuwe olieprovincie aan de Atlantische kust.
Wellicht zal de toekomst uiteindelijk bepaald worden door de manier waarop het die verschillende ambities met elkaar weet te verzoenen.
Foto’s: Arria Belli - César Favacho - Wenndel Paixão - Hiram Pereira - Marinha do Brasil - Bunks / Wikimedia Commons








