Brazilië in de greep van een vertrouwenscrisis
Waarom het hoogste hof nu in het middelpunt van de storm staat
🇬🇧 🇧🇷 🇫🇷 🇩🇪 🇪🇸 🌐 → Use your browser’s translation tool
Het is eigenlijk verwonderlijk: na een kwart-eeuw Brazilië slaagt het land er nog altijd in om me te verbazen, niet zozeer omwille van de passie, de gastvrijheid, de drang om voortdurend te feesten, de zon, mooie stranden, maar wel door de politiek, voornamelijk in de hoofdstad Brasília waar achter de schermen een kort lontje werd aangebracht aan een groot gevuld kruidvat. Er is hooguit een klein lucifertje nodig om de boel te laten ontploffen. Even verduidelijken:
In een normaal werkend land heb je drie machten: de regering (die bestuurt), het parlement (dat wetten maakt) en de rechters (die controleren of iedereen zich aan de regels houdt). Maar in Brazilië is er de laatste jaren iets veranderd. De rechters – het STF, de hoogste rechtbank van het land – zijn steeds meer gaan lijken op spelers in de wedstrijd, in plaats van de scheidsrechter.
De “celular” die iedereen slapeloze nachten bezorgt
Het verhaal begint bij een bankier genaamd Daniel Vorcaro, een figuur die hier al enkele malen aan bod kwam. Hij dreef een bank, Banco Master, die nu het middelpunt is van een gigantisch corruptieschandaal. Vorcaro dacht waarschijnlijk dat hij veilig was, want hij had een ‘netwerk’ opgebouwd. Hij kende de juiste mensen, deed gunsten en zorgde dat hij niet alleen stond. De politie nam onlangs zijn mobiele telefoon in beslag. En dat is waar het kruidvat gevuld werd.
Op die telefoon staan gesprekken, appjes en bewijzen die verder gaan dan alleen een bankfraude. Het gaat over afspraken met politici, met overheidsdienaren en — misschien wel het meest schokkend — met rechters van het allerhoogste hof.
Voor een buitenstaander klinkt dit misschien als een ver-van-mijn-bed-show. Maar het probleem is dit: de rechters van het STF, die normaal gesproken de corruptie moeten bestrijden, worden via de pers nu zelf genoemd in de verdenkingen.
Neem Alexandre de Moraes, een van de machtigste rechters van het land. Hij is de man die de afgelopen jaren hard optrad tegen ‘fake news’ en tegen de relschoppers van 8 januari 2023. Hij is voor sommigen een held, voor anderen een vijand. Maar nu zijn naam opduikt in de context van de Banco Master-affaire, trilt de grond onder de hele rechtbank. Als de scheidsrechter zelf een speler wordt, wie controleert de wedstrijd dan nog?
Het is verleidelijk om dit te zien als een strijd tussen politieke kampen. “Het is de schuld van links” of “Het is de schuld van de rechts”. Maar het schandaal bij Banco Master is wat je ‘oecumenisch’ zou kunnen noemen: het maakt geen onderscheid tussen partijkleuren. Of het nu de oude garde van het Centrão (centrum) is, de aanhangers van de regering of de oppositie: bijna iedereen is op de een of andere manier in dit web verstrikt geraakt. Het gaat hier niet om ideologie, het gaat om een systeem van belangenverstrengeling. Iedereen had wel een reden om vriendjes te worden met de bankier. De lijst van zijn contacten is lang, gaat van STF-rechters via allerlei politici zelfs helemaal tot José Dirceu (legendarische PT-figuur) en president Lula.
Het verkiezingsjaar als lont in het kruitvat
We zitten in een verkiezingsjaar. Dat is in elk land een gespannen tijd, maar in een land waar de top van de macht bang is voor wat er op een inbeslaggenomen telefoon staat, is het levensgevaarlijk. Wanneer de mensen die de wet moeten bewaken, vooral bezig zijn om hun eigen hachje te redden, staat het land stil. Terwijl het volk wacht op antwoorden over de economie en de zorg (denk bijvoorbeeld aan de schandalen rondom de INSS), is de politieke top in Brasília vooral bezig met: wie weet wat van mij?
Naast de Banco Master-affaire is er nog een ander dossier dat de gemoederen in Brazilië flink bezighoudt: de Parlementaire Commissie (CPMI) die onderzoek doet naar corruptie bij het INSS, de instantie die de pensioenen van miljoenen Brazilianen beheert.
Het doel van deze commissie? Uitzoeken waar miljarden reais aan pensioengelden zijn gebleven, geld dat via kleine maandelijkse inhoudingen op pensioenen werd doorgesluisd naar allerlei vakbonden, zonder dat de betrokkenen hier toestemming voor gaven. In een van die vakbonden heeft de oudere broer van de president een leidende rol. Een van de stappen die de commissie wilde zetten, was het openen van de bankgegevens van ‘Lulinha’ – de zoon van de zittende president. In een normale democratische procedure zou dit een standaard onderzoekshandeling zijn.
Wat gebeurde er? Vlak nadat de commissie besloot deze bankgegevens in te zien, greep het Hooggerechtshof (STF) in. Rechter Flávio Dino – nota bene door president Lula zelf benoemd tot lid van dit hof – oordeelde dat de besluitvorming van de commissie niet klopte. Volgens hem was de procedure technisch onjuist omdat de stemming “in blok” (in één keer voor een hele groep) was gedaan, in plaats van individueel. Een en ander verliep inderdaad wat rommelig, met heftige discussies, geduw en getrek, maar de stemming gaf wel degelijk aan dat een meerderheid het onderzoek wilde doorzetten. Het ingrijpen van de rechter voelde voor de gemiddelde Braziliaan dan ook als een juridische omweg om dit onderzoek te blokkeren.
Het roept direct de vraag op: Wat valt hier te verbergen?
Er zijn vooralsnog geen doorslaggevende bewijzen, maar de sfeer in Brasília is er een van totale nervositeit. Het Braziliaanse kaartenhuis begint te schuiven. De vraag is niet of er verwoestingen zullen zijn in het politieke landschap, maar hoe groot die zullen zijn.
Foto’s: Marcelo Camargo/Agência Brasil
Brazilië balanceert op een slappe koord. Voor de buitenwacht ziet het er misschien uit als het zoveelste schandaal, maar voor de democratie in het land is dit een moment van de waarheid.





