
Als er één ding is wat me niet bevalt in dit land, dan is het — zonder enige twijfel — de polarisatie, in andere woorden de politieke verdeeldheid. Als niet-Braziliaan moet ik me er eigenlijk niet mee moeien (dat doe ik ook niet), maar ik mag er wel over schrijven. Beschouw het maar als observeren, ernaar kijken. Het onderwerp past zeker bij Link2Brazil. Het is trouwens normaal dat je na zoveel jaren in dit land ook enige betrokkenheid toont.
Een van de eerste vaststellingen is dat de polarisatie niet verdwijnt na verkiezingen. Hoe komt het eigenlijk dat ze niet verdwijnt, en wat zijn de gevolgen? Wie lang genoeg in Brazilië verblijft, kent die gevolgen inmiddels wel. De situatie leidt tot onverdraagzaamheid, heftige discussies tussen de aanhangers van beide kanten, familiale vetes, gevechten, soms zelfs leidend tot een dodelijk slachtoffer. Deze directe gevolgen zorgen ervoor dat ik me gedeisd houd en niet toegeef aan de druk om partij te kiezen. Het is een probleem dat door Brazilianen moet worden opgelost, niet door een vreemdeling.
Om te beginnen: het is een sociaal fenomeen. Brazilië bestaat al eeuwen uit armen en rijken, waarbij deze laatsten er alles aan deden om dat zo te houden — niet in het minst tijdens de periode van de militaire dictatuur van 1964 tot 1985, in totaal bijna 21 jaar. Het is en blijft nog steeds een verdeeld land. De groei en druk van de syndicaten leidden uiteindelijk tot de oprichting van de arbeiderspartij (PT – Partido dos Trabalhadores) en de opkomst van vakbondsleider Luís Inácio Lula da Silva, kortweg Lula. Hij kwam uit het noordoosten (Pernambuco) en heeft in alle deelstaten van die regio dan ook de meeste aanhangers, tot op vandaag. De PT kwam aan de macht in 2003 en was tot op heden in totaal zo’n achttien jaar aan het bewind, verdeeld over twee periodes die enkel werden onderbroken door de tussenregering van Michel Temer en de vier jaren van Jair Bolsonaro.
Lula liet in het begin van zijn eerste ambtstermijn merken dat hij niet radicaal zou optreden, en slaagde daar aanvankelijk ook in. Na het eerste schandaal (Mensalão), met betrokkenheid van de PT, begon dat te veranderen. De slogan werd “Nós contra eles” (wij tegen hen), en vanaf toen — vooral na de andere schandalen, opnieuw met betrokkenheid van zijn partij — werd de andere kant ook radicaler. Dat leidde uiteindelijk tot de verkiezing van de extreem-rechtse Bolsonaro, die er van zijn kant stevig op inhakte. Hij verloor het tegen Lula in 2022, en vanaf toen was er helemaal geen houden meer aan. Je was voor Lula, of je was voor Bolsonaro. Er was geen middenweg, nog minder vandaag, tien dagen voor de eerste kiesronde (4 oktober). Gevoelens als angst, wantrouwen en groepsdruk zorgen voor een verhitte verdeeldheid, vooral aangewakkerd door sociale media en hun algoritmes. Ook de campagnes laten er geen twijfel over bestaan.
Het is een harde tweestrijd tussen Lula da Silva en Flávio Bolsonaro, de oudste zoon van de buitenspel gezette ex-president Jair Bolsonaro — twee politieke zwaargewichten die het land al jaren in deze diepe ideologische scheiding vasthouden. Die polarisatie zorgt ervoor dat veel kiezers verzuchten: “Mijn kandidaat deugt misschien niet, maar de andere is erger.” Aan beide kanten klinkt precies dezelfde redenering.
Toch staan er ook andere belangrijke namen op het toneel. Ronaldo Caiado, een conservatieve gouverneur met een traditionele rechtse agenda, profileert zich als pragmatische bestuurder. Romeu Zema, eveneens uit het rechtse spectrum, brengt een ondernemersgerichte, technocratische stijl mee die inzet op efficiëntie en economische modernisering. Renan Santos, afkomstig uit een meer centristische en institutioneel gerichte hoek, benadrukt bestuurlijke stabiliteit en anticorruptie. Augusto Cury, schrijver en psychiater, vertegenwoordigt een buitenstaandersprofiel met een humanistische, sociaal-emotionele benadering van politiek en leiderschap.
Terug naar de politieke verdeeldheid
Politici gebruiken de bestaande toestand als mobilisatiestrategie. Die wordt versterkt door de media, uiteraard omdat de strijd tussen twee duidelijk afgelijnde sociale groepen veel aandacht trekt. De kiezers raken emotioneel betrokken, aan beide zijdes, en er zijn nauwelijks nog echte debatten over het beleid. Het gaat allemaal om symboliek en vijandig denken.
Brazilië werd in de voorbije weken overstroomd door de uitslagen van een lange reeks peilingen. Wat de campagneleiding of de kandidaten zelf hiermee doen, is niet meteen duidelijk. Wel duidelijk: de bijzonder kleine marges tussen de twee kopstukken. Die verkleinden nog meer, en er kan nu al gezegd worden dat de winnaar waarschijnlijk geen overdonderende cijfers zal halen. Dat betekent — net zoals in 2022 — dat de verkozene niet alleen voor zijn eigen aanhang moet regeren, maar ook voor de andere helft van de kiezers die hem verwerpen, en dat in de komende ambtstermijn opnieuw zullen doen. Dat was al het geval bij de huidige president, die daar — eerlijk gezegd — niet in slaagde en integendeel de haat nog aanwakkerde. Dat is op zijn minst zorgwekkend.
Stemmen kopen en zakkenvullen
Het clientelisme is historisch al een feit in Brazilië, maar dat fenomeen werd nog veel sterker in de voorbije decennia. Met andere woorden: kiezers worden op grote schaal “gekocht”. Anderzijds gaat het ook om patrimonialisme, iets wat eenvoudig kan worden omschreven als “zakken vullen”. Deze structuren zijn oude, diepgewortelde systemen in het land. Polarisatie maakt ze niet groter — maar ze maakt ze onbespreekbaar, want elke kritiek wordt gezien als een aanval op “het eigen kamp”. Tegelijk verdwijnen de echte problemen naar de achtergrond: armoede, onderwijs, gezondheidszorg, infrastructuur, veiligheid, corruptie en ongelijkheid. Deze thema’s komen wel aan bod in de campagnes, maar telkens met een groot deel te kankeren over de prestaties van de tegenpartij, snel gevolgd door “Wij doen het beter, stem op ons”.
Corruptie wordt vergeten zolang “onze kant” erbij betrokken is, en kritiek wordt gezien als een aanval op die kant. Gevolg: de corruptie werd structureel, er is een groot gebrek aan transparantie en de burgers zijn al jaren erg cynisch.
Politici houden de verdeeldheid bewust in stand omdat ze er baat bij hebben. Hierdoor worden de kiezers gedwongen om een keuze te maken tussen (slechts) twee kanten, media verdienen een pak geld aan het conflict, sociale netwerken varen er wel bij, en last but not least: eventuele alternatieven maken zo goed als geen kans en verdwijnen naar de achtergrond.
Ik doe mijn best om niet moraliserend te schrijven over dit zorgwekkende onderwerp, noch een van beide kanten te kiezen, noch een voorkeur te hebben. Het is eerder een oproep tot reflectie. Depolarisatie begint bij individuen, niet bij systemen. Misschien is het hoog tijd dat de kiezers van dit land het allemaal anders bekijken en niet stemmen op iemand die “minder slecht is” dan zijn rivaal, maar wat dieper nadenken of er niemand is die andere voorstellen heeft, zonder zijn tijd te verspillen aan de zoveelste aanval op een tegenstrever.
Het zou Brazilië deugd doen.

