G7, Trump en Brazilië: een politiek theater zonder einde
De G7 toonde opnieuw hoe Trump, Lula en de Bolsonaro-clan Brazilië gevangen houden in oude mythes, terwijl echte vernieuwing geen kans krijgt.
Tijdens de G7 in Évian — een top vol staatshoofden, strak protocol en diplomatieke beleefdheden — viel vooral op wie er níét in zijn element was. Lula liep er bij momenten wat verloren bij, zoekend naar zijn plaats tussen leiders die hem beleefd begroetten maar zichtbaar niet als gelijke beschouwden. Trump daarentegen bewoog zich zoals altijd alsof hij de enige was die ertoe deed, gedoogd omdat het niet anders kan. En toen journalisten hem aanspraken over Brazilië, improviseerde hij luidop, verwarde Flávio met Eduardo Bolsonaro en verkondigde onjuiste informatie alsof het feiten waren. Het was een klein incident, maar voor mij zegt het alles: over Trumps minachting voor andere landen, zijn narcistische overtuiging dat kennis optioneel is, en over een wereld die hem blijft tolereren. Maar het zegt evenveel over Brazilië zelf, dat opnieuw vastzit tussen dezelfde oude kemphanen — Lula en Bolsonaro — twee politieke mastodonten die allang met pensioen zouden moeten zijn, maar die het land blijven gijzelen en elke vorm van vernieuwing blokkeren.
En terwijl Trump in Évian zijn gebruikelijke mix van bravoure en onwetendheid tentoonspreidde, speelde zich aan Braziliaanse zijde een parallel schouwspel af. De Bolsonaro-clan, ooit luidruchtig en zelfverzekerd, oogt vandaag vooral chaotisch. Eduardo leeft in de Verenigde Staten als een soort zelfverklaarde ambassadeur van het “echte Brazilië”, maar in werkelijkheid vooral als politieke vluchteling die zijn dagen vult met agitatie tegen zijn eigen land. Zijn situatie werd nog absurder toen het Braziliaanse Hooggerechtshof (STF) hem recent veroordeelde tot vier jaar gevangenisstraf wegens het verspreiden van valse informatie en het aanzetten tot destabilisatie van de democratische instellingen — een uitspraak die hem in theorie verplicht zou maken terug te keren naar Brazilië om zijn straf uit te zitten. Dat hij ondertussen in de VS blijft wonen en zich daar voordoet als internationale woordvoerder van de Braziliaanse rechterzijde, maakt de kloof tussen zijn retoriek en de werkelijkheid alleen maar groter. Flávio, de enige die nog een officieel mandaat heeft, lijkt vooral te teren op zijn achternaam; inhoudelijk heeft hij weinig te bieden. En Jair Bolsonaro zelf — verwikkeld in onderzoeken, onder huisarrest, en recent betrapt met een verboden wapen in huis — is een schim van de sterke man die hij ooit pretendeerde te zijn. Dat Trump niet eens weet wie van de zonen wie is, is bijna symbolisch: zelfs hun belangrijkste buitenlandse referentiefiguur kan hen niet uit elkaar houden.
Wat mij misschien nog het meest verbaast, is hoe gemakkelijk zoveel Brazilianen zich blijven laten meeslepen door een naam. Alsof het feit dat je de zoon bent van Jair Messias Bolsonaro automatisch politieke kwaliteiten garandeert. Alsof Lula, die al meer dan dertig jaar verkondigt dat alleen hij de problemen van Brazilië kan oplossen, nog steeds de enige mogelijke optie is. Het is een hardnekkige illusie die het land gevangen houdt: Bolsonaro’s erfgenamen teren op de mythe van de sterke vader, terwijl Lula blijft leunen op zijn verleden als weldoener van de armen. Maar hun ideeën zijn achterhaald, hun partijen vastgeroest in het verleden, en echte alternatieven krijgen nauwelijks kansen. Het resultaat is een democratie die zich blijft herhalen, een politiek landschap dat draait op nostalgie en angst, en een bevolking die telkens opnieuw moet kiezen tussen twee projecten die hun houdbaarheidsdatum allang hebben overschreden.
Daarom wringt Lula’s recente uitspraak op de G7 — dat hij “nooit links is geweest” — des te meer. Iedereen die de Braziliaanse politiek de voorbije decennia heeft gevolgd, weet dat Lula en de PT altijd tegen alles waren wat niet uit hun eigen ideologische stal kwam. Van economische hervormingen tot internationale akkoorden: de partij stemde systematisch tegen, om later vaak dezelfde maatregelen zelf door te voeren wanneer ze aan de macht waren. Dat Lula zich nu als pragmatische middenfiguur probeert te presenteren, is begrijpelijk als electorale strategie, maar het botst frontaal met zijn politieke verleden. Niet voor niets regende het sarcastische commentaren in de Braziliaanse pers en op sociale media: voor velen was zijn uitspraak niet alleen ongeloofwaardig, maar ook een teken van hoe ver de politieke retoriek zich heeft losgemaakt van de werkelijkheid. En toch blijven miljoenen Brazilianen geloven in deze zorgvuldig opgebouwde mythes — de mythe van de redder van de armen aan de ene kant, en de mythe van de sterke man aan de andere. Het is precies die hardnekkige verering van namen, niet van ideeën, die het land al jaren verlamt.
En zo blijft Brazilië, zelfs op een internationale top als de G7, gevangen in een politiek theater dat allang zijn glans heeft verloren. Terwijl de wereld worstelt met nieuwe uitdagingen, sleept het land dezelfde oude conflicten mee, alsof het niet in staat is om zichzelf opnieuw uit te vinden. Het is ontmoedigend om te zien hoe een natie met zoveel talent, creativiteit en potentieel zich blijft vastklampen aan namen die hun beste tijd hebben gehad. Lula en Bolsonaro domineren het toneel niet omdat ze vernieuwend zijn, maar omdat het politieke systeem geen ruimte laat voor frisse stemmen. En zolang miljoenen kiezers blijven geloven dat alleen deze vertrouwde figuren het land kunnen redden, blijft Brazilië ronddraaien in dezelfde cirkel. Het is een vermoeidheid die je voelt in elke verkiezing, in elke peiling, in elke discussie: een land dat vooruit wil, maar telkens opnieuw wordt teruggetrokken naar het verleden.
Misschien is dat uiteindelijk de grootste uitdaging voor Brazilië én voor zoveel andere democratieën: niet het verslaan van oude tegenstanders, maar het eindelijk durven loslaten van namen die al te lang het zicht op de toekomst belemmeren.
Foto’s: Lula Marquez - Agência Brasil / Ricardo Stuckert - PR


