Cármen Lucia (foto): Net als veel van mijn collega’s bevind ik me in een staat van diepe ontzetting en verdriet. Ik bied mijn excuses aan het Braziliaanse volk aan, omdat zij wellicht een andere houding van mij hadden verwacht. Dit Hooggerechtshof […] heeft de afgelopen dagen onrust onder alle Braziliaanse burgers veroorzaakt. Ik had echt graag beter willen handelen en de gemoederen willen kalmeren, maar dat is me niet gelukt. Ik schaam me er zelfs een beetje voor.
De zitting (gisteren 15 september) van het Braziliaanse Hooggerechtshof (STF), zoals ik in mijn vorige bijdrage al aanhaalde, liep uit op een wansmakelijke vertoning. Dat was helaas niet onverwacht, maar de werkelijkheid was zo grof dat het geheel meer weg had van een straatruzie voor een botequim dan van een ernstige juridische behandeling. Een botequim is normaal gezien een informeel buurtcafé, eenvoudig ingericht, bekend om koude drankjes, sterke koffie en traditionele hapjes. Een plek om samen te komen. Maar het is evengoed de plek waar cachaceiros onder invloed herrie schoppen. De ministers van het STF zijn geen dronkelappen, maar ze worden wél geacht hoog opgeleid, intelligent en respectvol te zijn. Helaas.
Wat een ernstige zitting had moeten zijn om de nooit eerder geziene spanningen binnen het hof en de uiterst delicate onderzoeken naar enkele ministers te behandelen, ontaardde in een openlijk en onwaardig gevecht vol procedurele trucs, wederzijdse beschuldigingen en bitse taal.
In plaats van het debat te richten op de inhoud van de onthullingen – waaronder de tientallen berichten die worden toegeschreven aan ex-bankier Daniel Vorcaro, inmiddels achter de tralies, en minister Alexandre de Moraes – verloor het hof zich in juridisch gekrakeel over bevoegdheden, procedures, procesobjecten en allerlei andere vorderingen. Door middel van juridische chicanes en openlijke aanvallen slaagden De Moraes en zijn bondgenoten erin de zitting te verstoren en een inhoudelijk oordeel uit te stellen.
Het niveau van degradatie van de hoogste gerechtelijke instantie van Brazilië bevindt zich nu op een haast onomkeerbaar punt. De zitting, die een volledige dag aansleepte en live werd uitgezonden, bood iedere Braziliaan die de tijd had een novela zonder weerga: een sfeer van vijandigheid waarin de regels van het recht volledig ondergeschikt leken aan persoonlijke en politieke overlevingsdrang. Zelfs minister Cármen Lúcia bekende openlijk dat zij zich diep schaamde voor de gang van zaken. Heel fatsoenlijk Brazilië deelt die schaamte — en ik, ondanks dat ik geen Braziliaan ben, deel ze evenzeer. Na 26 jaar in dit land voel ik me soms meer betrokken dan menig geboren Braziliaan, en precies daarom doet dit pijn. Link2Brazil bestaat niet om reclame te maken voor dit land, maar om het eerlijk te tonen, met alle schoonheid én alle schaduwen. Dit was een schaduw.
Cármen Lúcia, het enige vrouwelijke lid van het hof, kwam als laatste aan de beurt en was de eerste die een volkomen terechte uitspraak deed. Als enige bood zij haar excuses aan voor het wansmakelijke gedrag van haar collega’s. Haar waardigheid stond in schril contrast met de rest van de zaal. De foto die dit artikel vergezeld — haar foto — is dan ook geen toeval. Zij was de enige die gisteren overeind bleef.
Brazilië kampt al met grondige institutionele en maatschappelijke onrust. De manier waarop het hof hopeloos verdeeld, ruziënd en ver verwijderd is van de waardigheid, soberheid en stabiliteit die burgers mogen verwachten, is ronduit beschamend. Het zoveelste uitstel – ditmaal door een verzoek tot inkijk van minister Flávio Dino – zorgt opnieuw voor vertraging, terwijl de geloofwaardigheid van de instelling verder afbrokkelt.
Ondertussen kijken de kopstukken van de naderende verkiezingen bezorgd toe. Flávio Bolsonaro, oudste zoon van ex-president Jair Bolsonaro en momenteel in huisarrest, probeert de schuld van dit alles op de schouders van zijn rivaal Lula te leggen. Lula, die altijd een goede relatie had met Alexandre de Moraes, nam afstand en verklaarde dat “iedereen moet onderzocht worden”. De Moraes is de rechter die streng optrad tegen iedereen die betrokken was bij de poging tot een coup op 8 januari 2023, toen aanhangers van Bolsonaro het Congres, het STF en het presidentieel paleis bestormden, exact een week na Lula’s inauguratie.
Het spektakel van gisteren bevestigde de politieke verdeeldheid binnen het hof. Rechts Brazilië zoekt al lang een manier om De Moraes via impeachment af te zetten, maar dat mislukte tot nu toe, mede door de tegenwerking van Senaatsvoorzitter Davi Alcolumbre, die de voorbije maanden toenadering zocht tot Lula.
De huidige president van het STF, Edson Fachin, liet duidelijk blijken dat hij de controle over de zitting verloor. Dat werd al vroeg zichtbaar door een onverwachte onderbreking door Flávio Dino. Toen Fachin hem erop wees dat hij nog niet aan de beurt was, antwoordde Dino dat hij “op elk moment zijn zegje kan doen” en dat zijn toga gelijkwaardig is aan die van de president van het hof.
Het is niet nodig om alle andere onwaardigheden op te sommen. Ministers Dias Toffoli en Cassio Nunes verklaarden dat ze afstand namen van hun stemrecht, waardoor het hof – al gereduceerd tot tien leden – nu moest verdergaan met acht stemmen, perfect verdeeld in twee blokken van vier. Door de verwachte vraag om een visto (extra tijd om het dossier te bestuderen, “beperkt” tot 90 dagen) door Flávio Dino, een harde bondgenoot van Lula, schuift alles op naar een datum na de verkiezingen.
Het valt niet te ontkennen dat deze circusachtige vertoning schade toebracht aan de campagne van de huidige president. Er blijven nog achttien dagen over om campagne te voeren, terwijl de oppositie niet stilzit – integendeel.
Ik ben al 26 jaar in dit land en maakte zes presidentiële verkiezingen mee en zeven gemeentelijke. In totaal dertien grote verkiezingscycli. Die leerden me dat voorspellingen hier nooit eenvoudig zijn. De enige waarschijnlijke uitkomst is die van de veldslag tussen de eeuwige rivalen van links en rechts: Lula en Flávio Bolsonaro. Veel kiezers volgen die trend en zullen stemmen op degene die in hun ogen de minst slechte is.
Een bijkomend gevolg van deze verkiezingen is dat de verkozene vier jaar lang mag beslissen wie hij benoemt als plaatsvervangende minister in het STF. Tijdens de komende ambtstermijn (2027–2031) zullen minstens drie ministers verplicht met pensioen gaan vanwege de leeftijdsgrens van 75 jaar: Luiz Fux (2028), Cármen Lúcia (2029) en Gilmar Mendes (2030). Bovendien werd Roberto Barroso nog altijd niet vervangen.
De winnaar van de verkiezingen van oktober zal dus vier nieuwe rechters mogen voordragen – tenzij Lula erin slaagt Barroso nog voor 31 december te vervangen. Dit vertegenwoordigt een aanzienlijk deel van de samenstelling van het hof en vergroot het gewicht van de verkiezingsuitslag voor de rechterlijke macht. Het aantal wisselingen kan zelfs nog hoger uitvallen indien een van de andere ministers voortijdig zou opstappen.
En precies daarom is wat gisteren gebeurde zo ernstig. Het ging niet enkel om een zitting die ontspoorde, maar om een instelling die haar eigen fundamenten ondergraaft op een moment waarop haar stabiliteit cruciaal is voor de toekomst van het land. Wie hier woont — zoals ik — weet dat Brazilië altijd balanceert tussen chaos en genialiteit. Maar gisteren was het chaos, zonder genialiteit.
Foto: Nelson Júnior - SCO/STF



Triste.